En de reis gaat verder…Het eerste deel van de reis door Colombia zat erop. Inmiddels waren we een week verder en hadden we nog héééél veel leuke dingen voor de boeg.
Girón
Girón was een tussenstop voordat we de vlucht namen van Bucaramanga naar Santa Marta. Heel veel tijd hadden we niet, dus ik heb alleen even een rondje gelopen in de buurt. Het grappige is, dat in tegenstelling tot wat je zou verwachten, deze stad helemaal niet zo toeristisch is. Dus wíj waren hier de attractie. Zelfs de politie vond ons wel interessant. Over het algemeen zie je trouwens in veel steden in Colombia dat de politie zichtbaar aanwezig is. Girón heeft een aantal heerlijke ijszaken, waarbij je dus een halve (water)meloen of ananas krijgt gevuld met fruit, ijs, slagroom, koekjes etc. Een enorme suikerbom. Maar ja, wel lekker=).

’s Avonds hebben we met zijn allen gegeten in een gezellig restaurantje en in ons hotel hebben we nog een potje 30 seconds gespeeld.’s Morgens was het tijd om naar het vliegveld te gaan. Onze chauffeur William, die vanaf het begin met ons mee ging ( en ontzettend veilig reed!), bleef achter. Hij had voor ons allemaal een klein cadeautje gekocht van keramiek. Heel lief. Wat een fijne, grappige man was William.
Santa Marta/ Tayrona National Park
De vlucht naar Santa Marta verliep prima. Het werd tijd om te acclimatiseren, want het was warm! Santa Marta ligt aan zee. Tegen zonsondergang kwamen we aan. We hadden een kamerruil gedaan, zodat we ook eens met iemand anders op de kamer lagen. De 2 mannen die mee waren hadden allebei een eigen kamer. Af en toe had ik wel medelijden met ze. Tussen 11 van die kletsende meiden zitten. Ik moet zeggen dat ze zich snel hadden aangepast😉We hebben die avond tapas gegeten en ik ben met een klein groepje nog even gaan dansen en cocktails gaan drinken in een rooftopbar. Op het plein midden in het centrum klonk muziek en locals waren aan het breakdancen.De volgende dag moesten we vroeg opstaan om naar het Tayrona National Park te gaan. De rit naar de ingang van het park duurde al 50 minuten. Vervolgens hebben we nog 40 minuten moeten wachten totdat we eindelijk naar binnen konden. Het ging niet helemaal goed met het kopen van de kaartjes. Inmiddels werd het drukker en drukker maar gelukkig verspreidde de mensenmassa zich naarmate je verder wandelde. Wij begonnen aan onze wandeling van 2 uur (alleen de heenweg bedoel ik dan!). Het was een ontzettend hete en benauwde dag. En als een Colombiaan zegt ‘it’s flat, don’t worry’, dan betekent dat: klimmen!Bij het eerste strand wat je tegenkomt tijdens de wandeling mag je niet zwemmen. Vandaar dat het hier ook niet heel druk is. Het is ongeveer een uurtje lopen naar de baai van Piscina, het tweede strand. Hier mag je in het water zwemmen. Je kunt lekker relaxen op het strand of een drankje doen bij de strandtent. Nog een uurtje verder lopen ligt Cabo San Juan del Guia. Dit strand is nog drukker en ligt vol met backpackers en kampeerders. Er is daar namelijk een camping waar je kunt overnachten. Bij dit strand is ook een uitkijktoren met hangmatten. We hebben ons hier op het strand een paar uur prima vermaakt, ondanks de drukte. Terwijl wij op ons handdoekje lagen, kregen wij bezoek van een enorme leguaan, die geen zin had om te vertrekken en vooral ging poseren voor de tientallen foto’s die er van alle kanten werden gemaakt. Dat was overigens niet het enige beest wat we tegenkwamen. Apen, leguanen, salamanders, van alles!

Na de welkome verkoeling van het water na de vrij pittige wandeling, moesten we nog 2 uur teruglopen…Al met al een vermoeiende, leuke, bezwete dag!’s Avonds heb ik met een paar reisgenoten wat gegeten in het Hemingway Restaurant. Terwijl de rest van de groep ging stappen, vond ik het wel mooi geweest en heb ik vroeg mijn bedje opgezocht.
Palomino
Het was niet heel lang rijden van Santa Marta naar Palomino (zo’n anderhalf uur) maar een fijne rit was het niet. De chauffeur van onze bus vond blijkbaar dat anderhalf uur nog niet snel genoeg was en was van mening dat je op een weg waar je 30 mocht rijden, best wel even gas kon geven tot 90 km per uur. Gelukkig kwamen we heelhuids aan. Palomino is een dorpje wat niet veel meer is dan een hoofdweg en een paar stoffige zijstraatjes. Er zijn voornamelijk hostels, restaurants en souvenirshops te vinden. Ik vind het een schattig dorpje. Ik hou wel van die backpackerssfeer die er hangt. Ik voelde me dan ook lekker op m’n gemak in m’n hangmatje in het Dreamer Hostel, dat pal aan het strand ligt. De volgende dagen zouden vooral onder het motto ‘eat, sleep, swim, repeat’ vallen. Even bijkomen na het doen van al die actieve dingen!

We kwamen vroeg aan, dus de rest van de dag was om te relaxen bij het zwembad en om even die heerlijke smoothies van een liter(!) te proberen. ’s Avonds gingen de lampen om 23.00 uur uit. Ook in de rest van het stadje was er in de avond vrij weinig te beleven.
Tuben
De volgende ochtend om 9.00u stond ik met wat reisgenoten klaar om te gaan tuben. Dat wil zeggen: met een band op de rivier dobberen. Bij ons hostel stonden jongens met motorbikes klaar om ons een stukje de berg op te brengen. Motorbikes zijn een soort motor-achtige brommers. Toen ik daar zo achterop die motorbike zat, zo zonder helm en hobbelend over steile, smalle weggetjes, voelde ik me intens gelukkig. Gelukkig omdat ik daar was op precies dat moment, gelukkig omdat ik tijdens mijn reizen (en ik heb er nogal wat gemaakt) altijd mezelf kon zijn en gelukkig omdat ik voor mijzelf tijdens deze reis al zoveel grenzen had verlegd.Met 4 meiden dreven we rustig op de Rio Palomino en genoten we van het uitzicht om ons heen. Omdat het nog zo vroeg was, was er verder niemand in het water. Heerlijk die stilte! Onze gids (we hadden helemaal geen gids nodig!) vertelde ons dat hij een alligator zag, maar aangezien hij zo rustig reageerde zal dat wel geen kwaad hebben gekund. Ga je aan het eind van de dag, dan is het enorm druk met tubers. Te druk eigenlijk.De rivier eindigt bij het strand. We moesten nog zo’n 20 minuutjes terug lopen om bij ons hostel uit te komen.
Surfen
De zee was best woest en mijn eerdere ervaringen met surfen waren ook niet al te best. Toen ik zag dat je privé surfles kon krijgen, greep ik mijn kans. ‘Oké, nieuwe ronde, nieuwe kansen’, dacht ik. Ik moet zeggen dat het best oké ging. Niet dat ik daar als een pro heel stoer op mijn bord stond, maar hé, ik STOND een paar keer:)! Er staan verschillende stands op het strand waar ze surfles aanbieden en waar je surfboards kunt huren. Ik was €20 euro kwijt voor anderhalf uur.
Minca
Na Palomino ging de reis verder naar Minca, het jungle-dorp in de regio Sierra Nevada. De natuur is er prachtig. Ons hotel had overal waterbakjes hangen, waardoor je de kolibries (waar de omgeving om bekend staat) van dichtbij kon zien. Deze omgeving is überhaupt een paradijs voor vogelspotters.’s Middags ben ik met een paar reisgenoten naar de Pozo Azul waterval gelopen. Dit was ruim een uur lopen door de jungle, omhoog en omlaag. DEET smeren hielp trouwens niet; ik was al helemaal lek geprikt. Onderweg naar de waterval begon het ook nog eens te regenen en te onweren. We konden nergens schuilen dus waren we al nat voordat we überhaupt bij de waterval aankwamen. Dat water was trouwens KOUD. Ik vond het wel prima om met mijn voeten in het water te kijken hoe de anderen zich weer in hun kletsnatte kleding moesten hijsen nadat ze uit het water kwamen. We hadden geen zin om terug te lopen dus we hebben achterop de motorbike gezeten tot ons hotel. Even mijn Spaanse skills een beetje oefenen met de chauffeur, die denk ik niet eens twintig was. Best grappig.Die avond heb ik met een vriendinnetje dat toevallig ook in Minca was een drankje gedaan in de Lazy Cat, een erg leuk restaurant wat tot op de laatste stoel vol zit, dus je doet er goed aan om te reserveren. Na een paar cocktails kwamen mijn reisgenoten daarheen en hebben we heerlijk gegeten.De volgende ochtend werden we met z’n vijven opgehaald voor een dagtocht. De rest van de groep ging wat anders doen. We kwamen er al snel achter waarom we met een 4x4 werden opgehaald. Smalle, modderige paden met gaten waar we overheen moesten. De eerste stop was bij een koffieplantage. Nu houd ik niet van koffie, maar toch is het best leuk om te zien welk proces de koffiebonen doorlopen.Next stop (na weer een lange, hobbelige weg): Casa Elemento: een hostel met 2 grote hangmatten boven de afgrond. Je hebt er een enorm mooi uitzicht over de omgeving en je kunt er heerlijk liggen en een biertje drinken. Het is mogelijk om tegen een kleine vergoeding binnen te komen als je hier niet overnacht.

Hierna, hup, weer terug de jeep in, over de hobbelige weg, naar de Marinka waterval. Het was nog een hele klim om daar te komen. Ook hier was het water koud, maar ik ben er voor de verandering maar eens ingegaan. To be continued…(laatste deel)