Part #2 | Rondreis door magisch IJsland! | Weflycheap

Part #2 | Rondreis door magisch IJsland!

Droombestemming

Altijd al heeft IJsland een enorme aantrekkingskracht op me gehad. Met actieve vulkanen die regelmatig uitbarsten, spetterende watervallen, zwarte zandstranden, spuitende geisers, magische grotten, gigantische gletsjers en natuurlijk het wonderlijke noorderlicht sprak het land behoorlijk tot mijn verbeelding. Zo’n beetje álle natuurverschijnselen kan je hier vinden en het is maar drie uurtjes vliegen vanaf Nederland. Tel daarbij op dat hier weinig mensen wonen. Lekker rustig! En de mensen díe er wonen stammen af van stoere Vikingen die nog steeds geloven in de oude sagen en legenden over elfjes en trollen. Fantastisch toch? Bovendien domineren de IJslandse vrouwen de wereldtop in de crossfit, wat ik als sportfanaat intrigerend vind, én behoort het land al jaren tot de meest ontwikkelde landen van de wereld. Als jij net als ik van hoogontwikkelde cultuur, ruige natuur en rust en ruimte houdt zit je in dit land helemaal op je plek en raad ik je aan om vooral verder te lezen. In mijn vorige blog kon je alles lezen over mijn eerste indruk van dit merkwaardige eiland. In deze blog lees je meer over de bijzondere bezienswaardigheden en natuurverschijnselen in IJsland.

Woest windje

Op de tweede dag kwamen we er meteen achter dat IJsland niet voor mietjes is. Nu ben ik een geboren Zeeuwse en woon ik sinds drie jaar in een piepklein klein huisje aan het strand van Noordwijk aan Zee. Je zou dus zeggen dat ik wel een beetje wind gewend ben. Immers doe ik niets liever dan tijdens een fikse storm naar het strand gaan om te ervaren hoe het is om bijna weggeblazen te worden, terwijl ik dan iets roep in de trant van ‘IS DIT ALLES WAT JE HEBT?’. Nouuu, die wind in IJsland is van een compleet ander kalibertje. Als we de autodeur wilden openen moesten we die met kracht tegenhouden om te voorkomen dat die eraf geblazen zou worden. Het woei zó achterlijk hard dat we buiten niet eens met elkaar konden praten. Wanneer we naast mekaar zaten te piesen (we hebben werkelijk het hele eiland onder geplast, zo één met de natuur waren wij) woei de wind onze plas op standje orkaan zowat een kilometer verder bij een nietsvermoedende voorbijganger in het gezicht (bij wijze van spreken dan hè, dit is niet echt gebeurd want er waren nauwelijks andere mensen te bekennen). Van een local hoorden we dat je met een bepaalde windkracht niet eens naar buiten mag en in eerste instantie dacht ik dat hij overdreef, maar ik kan me daar nu wel een voorstelling van maken.

Steile kliffen en reusachtige watervallen

En dan de zee... Die beukt in IJsland zo hard op de kust in alsof alles kapot moet. Zo fucking woest heb ik nog nooit meegemaakt. Het was koud, nat en heftig en mijn vriendin en ik vonden het fantastisch. Daardoor voel je dat je leeft! Op het zuidelijkste puntje van IJsland bij de steile kliffen van Kaap Dyrhólaey, stonden we gillend in de wind uit te kijken op vulkanisch zwarte zandstranden terwijl we bijna van de rotsen werden geblazen (nu ik het zo opschrijf was dat eigenlijk best wel gevaarlijk, maar het leuke van IJsland is nu juist dat je zonder toezicht overal op, over en in mag klimmen). Naast die loeiharde wind zijn we die tweede reisdag ook ongeveer één miljoen keer zeiknat geregend (en ik overdrijf nooit). En als het dan EIN-DE-LIJK droog was moesten we weer zo nodig onder, over of achter een waterval doorrennen. Resultaat: alsnog kletsnat. Een klein tipje van flipje als je de watervallen Seljalandsfoss en Skogafoss gaat bekijken: trek beslist een regenpak aan. Ik had dit heel eigenwijs niet gedaan en dat was best wel koud. IJskoud. Maar ja, dat is het wel vaker in IJsland. Sneeuw, hagel, wind en water bepalen het leven daar. Het was een ware strijd tegen de elementen en daardoor voelde alles onwijs intens.

Vulkanen en basaltkolommen

Normaal gesproken baal ik ervan als het mooi weer is in Nederland terwijl ik op reis ben. Op de eerste dag baalde ik nog van de vrolijke zomerse foto’s van vrienden op Facebook, maar op de tweede reisdag interesseerde me dat niets meer. Fuck die hittegolf in Nederland. Dit was een kennismaking met de essentie van het leven. Diep, rauw, heftig en doordringend. Alsof het mooie laagje waaronder mensen zich in het dagelijks leven soms graag lijken te verstoppen er genadeloos werd afgeblazen tot er niets anders overbleef dan de pure, naakte waarheid. Ik vond dat fantastisch. Wég met al die nepheid. Op dag drie waren de weergoden ons gelukkig iets gunstiger gezind. Terwijl het relatief droog was reden we via de spoelzandvlakte van de Skeidarárivier naar Skaftafell National Park, waar we aan de voet van de hoogste vulkaan van IJsland Oraefajökull naar waterval Svartifoss zijn gewandeld. Svartifoss betekent letterlijk ‘zwarte waterval’ en is zo genoemd omdat deze waterval wordt omgeven door kolommen van zwart basalt. Die zijn zo bijzonder gevormd doordat de lava heel langzaam heeft kunnen afkoelen waardoor het gesmolten gesteente is gekristalliseerd. In IJsland doen ze niet zo moeilijik, ook niet als het gaat om het bedenken van namen. What you see is what you get. LOVE THAT!

Altijd blijven hakken

Na de wandeling zijn we meegegaan met een excursie naar de allergrootste gletsjer van Europa: Vatnajökull. Vage puntschoenen aan, pikhouweel mee, beetje badass kijken en HOP HOP vol gas die joekel van een gletsjer op. En man: wat was dat teringkoud. Uiteraard kregen we ook nog effe een complete wolkbreuk over ons uitgestort maar dat mocht de pret beslist niet drukken. Blauwe ijsgrotten van dichtbij bekeken, aan honderdvijftig jaar oude ijsblokjes gelikt en stiekem van de witte sneeuw gele sneeuw gemaakt (tsjah, als je moet, dan moet je). Nadat we ons eigen ijs mochten uithakken ben ik ’s avonds ook nog een rondje gaan hakken op mijn lievelingsmuziek. Ik had het zo koud gekregen dat ik op mijn koptelefoon een lekker frenchcore setje van Maissouille heb opgezet en in de tuin van het hotel een work-out heb gedaan. Was ik een keertje niet nat van de regen, dan wel weer van mijn eigen zweet. Het is ook altijd wat. Maar wat er ook gebeurt: altijd blijven hakken! Of het nu met je pikhouweel in eeuwenoud ijs is of op de hardste kicks van een nieuw hardcore nummertje.

Boottochtje over een gletsjermeer

Onze vierde dag in IJsland begonnen we in stijl met een boottochtje over het prachtige gletsjermeer Jökulsárlón. Samen met een klein groepje ingetogen Canadezen vaarden we in een zodiacje over het gletsjermeer vol drijvende ijsschotsen, waardoor we super dichtbij de gigantische blauwe ijssculpturen konden komen. Zó dichtbij dat we het ijs letterlijk aan konden raken. Kijken doe je dan misschien niet met je handjes (toch mama?) maar de wereld ontdek je wel het beste op gevoel (en voelen doe je met je vingertjes, dat weet iedereen). Mijn tengeltjes waren na het boottochtje dan ook vuurrood en compleet gevoelloos van de kou (dat zal me leren), maar gelukkig konden we die de rest van de dag opwarmen in de auto. We moesten namelijk flink wat kilometers asfalt vreten tijdens een roadtrip langs de oostkust van IJsland. Via allerlei rare weggetjes reden we langs indrukwekkende rotsformaties bij de oostelijke fjorden. Soms zagen we helemaal niks omdat we zo hoog in de bergen reden dat we werden omgeven met wolken en sneeuw. Op andere momenten zagen we juist maar al te goed hoe diep de kuilen waren in de grindweg, die we met alle macht probeerden te omzeilen. Volgens mij was het niet helemaal de bedoeling om daar met een reguliere huurauto doorheen te cruisen, maar ja, dat houdt het allemaal tenminste een beetje spannend (het is eigenlijk een godswonder dat we de autorit zonder fourwheeldrive hebben gered en dan ook nog zonder lekke band).

Kokende modderpoelen en zwavelbronnen

Na alle koude wind, ijs en water de eerste vier dagen besloten we op dag vijf eindelijk de warmte van het vuur en de aarde maar eens op te zoeken. Bij de kokende modderpoelen en zwavelbronnen van Námaskard hoorden en zagen we overal om ons heen vulkanisch gerommel uit de grond omhoog komen. Ik schrok me soms letterlijk de blubber als er weer een straal modder naar boven kwam geborreld, maar dat was moddervet om mee te maken. Tegelijkertijd vloog de thermale stoom ons om de oren terwijl we ons middenin het roodgele landschap stonden te vergapen aan de schoonheid van de merkwaardige natuur. Na al het autorijden van de dag ervoor konden we het goed gebruiken om buiten te spelen en ons eigen stoom af te blazen. Dat het er overal rook naar rotte eieren namen we gewoon voor lief (kleinigheidje hou je toch). Vlakbij de modderpoelen vonden we bovendien een gigantische zwarte ringvormige explosiekrater: Hverfjall. In eerste instantie zag ik er als een berg tegenop om die hoge berg te beklimmen (geintje natuurlijk) maar eenmaal boven was het AB-SO-LUUT het hoogtepunt van de dag. We hebben letterlijk aan de voet van de vulkaan gezeten, zijn helemaal de krater ingelopen en hebben daar urenlang op onze buik liggen genieten van de rust die de vulkaan uitstraalde. Dat vond de natuurbeheerder niet zo leuk maar ja, wij liepen zo gezellig met elkaar te kletsen dat we het bordje met verboden toegang eventjes niet hadden opgemerkt. Woepsie! Sorry, not sorry!

Grillige lavaformaties

Sowieso zijn die IJslanders maar rare snuiters als je het mij vraagt. De mensen zijn niet onvriendelijk maar ook niet bepaald enthousiast of gezellig. Moet je net mij hebben. Ik ben de personificatie van enthousiasme. Wanneer ik op zijn Hollands gezellig contact dacht te maken met een local, keek die mij aan alsof ik een heel vreemd wezen was. En dat voor een volkje dat heilig gelooft in trollen. Je zult wellicht begrijpen dat ik lichtelijk beledigd was. Mocht je ooit naar IJsland gaan dan raad ik aan om de communicatie te beperken tot het strikt noodzakelijke. Vermijd lange zinnen en omwegen en kom direct terzake. Dan krijg je een kort doch vriendelijk antwoord. Nu hebben wij tijdens onze reis het contact met andere mensen zoveel mogelijk vermeden omdat we volledig wilden opgaan in de natuur, maar zo nu en dan kwamen we er niet onderuit. De mensen in IJsland zijn namelijk ook nogal gesteld op regeltjes en ik heb daarentegen een klein autoriteitsprobleempje. Gelukkig kwamen we na het incident met de natuurbeheerder niemand meer tegen en konden we op ons dooie gemakje de merkwaardige lavaformaties van Dimmuborgir inspecteren.

Dooie boel

Best ironisch eigenlijk dat de lavaformaties in IJsland al net zo grillig zijn als het weer (en de inwoners). Ook het spreekwoord ‘op ons dooie gemakje’ gebruik ik hier niet geheel ondubbelzinnig. De grote zwarte rotsformaties van Dimmuborgir zijn drieduizend jaar geleden ontstaan bij vulkanische uitbarstingen. Het afgekoelde lava lag waarschijnlijk op een zachte onderlaag en toen die eenmaal was weggespoeld stortte het lavadak in, waardoor de hele omgeving bizarre vormen heeft aangenomen. Het leek net alsof ik op een filmset was beland van één of andere film over het einde van planeet aarde. Zo’n doemdenkersfilm waarin alles en iedereen dood is gegaan. De naam van de gekke rotsen is samengesteld uit twee IJslandse woorden: Dimmur (grimmig/donker) en borg (fort/kasteel) en het was mij wel duidelijk waarom dit gebied deze naam draagt. De rotsformaties hebben wel wat weg van een oud, vervallen en grimmig kasteel. De Noorse black metalband Dimmu Borgir heeft niet voor niks zijn naam ontleend aan dit gebied: hun muziek heeft ook wel wat weg van hel en verdoemenis. Echt álles in dit natuurreservaat was verlaten, desolaat en dood. Zelfs de bomen en struiken waren ermee opgehouden: er zat geen blaadje meer aan. Gek genoeg werden wij wel vrolijk van die dooie boel. Sterker nog, we kregen er een onwijze lachkick van! IJsland doet rare dingen met je hoor... Ben jij benieuwd naar onze laatste belevenissen in dit gekke land en naar mijn conclusie? Lees dan snel mijn volgende blo

Mis nooit meer een topdeal!